Oriëntaties

Photo montage faces by Geralt on Pixabay
Geschreven door Stichting Sezen

Oriëntaties: vooringenomenheden van mensen

Ieder mens ontwikkelt (meestal onbewust) gedurende zijn leven een mix van vormen van betekenisgeving. Welke mix dat wordt, hangt samen met de omgeving waarin je opgroeit, les krijgt, ervaringen opdoet en je eigen aanleg. Die mix wordt jouw vooringenomenheid. We noemen dat jouw oriëntatie. Die is kenmerkend voor hoe je denkt en doet en die wordt ook door anderen herkend. Het specifieke gedrag waaraan je elke vorm van betekenisgeving herkent kun je als volgt omschrijven:

Evolutionaire betekenisgeving

Patroonherkenning is de spil
Leven is voortdurende beweging. Geen moment is hetzelfde. Alles en iedereen staat met elkaar in wisselwerking en ervaart wederzijds beïnvloeding. Bij elk leven is er evolutionaire betekenisgeving. Mensen bij wie evolutionaire betekenisgeving domineert, hebben een open oriëntatie. Je herkent bij hen hoe ze verhalen vertellen (en toen, en toen), beelden tonen en bij details stilstaan. Stilte kan betekenisvol zijn. Patroonherkenning is de spil. Analyses en doelen stellen kom je er niet tegen. Veranderingen gaan net zo snel als mensen en de omgeving zich ontwikkelen. Alles wat er gebeurt en ontstaat wordt als betekenisvol geaccepteerd: blijkbaar past dat bij de omstandigheden. Als veel mensen een open oriëntatie hebben, zie je dat variëteit gevierd wordt. Mensen bieden aan, tasten af, nemen waar, ervaren dat ze deel zijn van iets groters dan zij zelf. Ze accepteren. Alles doet ertoe.

Rationele betekenisgeving

Willen begrijpen hoe dingen in elkaar zitten
Zoeken naar oorzakelijke verbanden, willen begrijpen ‘hoe dingen in elkaar zitten’ – dat is waar mensen met een overwegend rationele oriëntatie van genieten. Je maakt ordeningen en modellen en ontleent daaraan zekerheid. Op basis van die vastgezette verbanden doe je aannames en voorspellingen over dingen die je nog niet weet of hebt waargenomen. In taal gebruik je definities en oorzakelijkheid (dit betekent dat, dit komt door dat, zo zit het!). Er wordt gezocht naar ‘objectiviteit’ en naar één waarheid. Verschijnselen ordenen, analyseren en daarover nadenken voeren bij mensen die een sterk ontwikkelde rationaliteit hebben, de boventoon. Veel van hun energie besteden ze aan denkwerk in alle soorten en maten en hoe ze dat steeds verder kunnen verbeteren en verfijnen.
Daarbij kan de rationaliteitswig optreden: verschil tussen hoe je denkt te doen en hoe je doet.

Zelfreferentiële betekenisgeving

Je kiest voor je eigen lijn en daar ga je voor
Je ervaart jezelf als het centrum van het universum. Jij bepaalt zelf wat je vindt, doet en wat je van je leven maakt. Je bent uniek. Vaak beginnen uitspraken met ‘ik’ en ‘ik vind’. Dit soort patronen kom je veel tegen bij mensen bij wie zelfreferentiële betekenisgeving sterk ontwikkeld is. Je discussieert en overlegt weinig, je kiest voor je eigen lijn en daar ga je voor. Je doet wat je prettig vindt. In organisaties herken je zelfreferentiële betekenisgeving aan win-wincontracten, porttrettengalerijen. Als veel mensen zelfreferentieel zijn pakt dat in de samenleving uit als: mensen voelen zich individu, zijn weinig geneigd tot inschikken, hebben rechten, voelen weinig voor plichten. Geld en macht zijn belangrijke middelen om je eigen lijn te volgen en te realiseren.

Sociale betekenisgeving

Wat je voor anderen betekent, drijft je
Wat je voor anderen betekent, drijft je. Als lid van de groep ervaren worden is cruciaal. Lid zijn van verschillende groepen levert loyaliteitsconflicten op. Praten is een manier om met anderen in contact te komen, de inhoud is ondergeschikt. Mensen bij wie sociale betekenisgeving sterk ontwikkeld is, denken en uiten zich vaak in termen van ‘wij’. De normen van de groep wegen zwaar en zeggen wat ‘goed’ of ‘niet goed’ is. Harmonie in de groep is belangrijker dan resultaten boeken of doelen bereiken. Opbrengsten worden gedeeld, sterkeren helpen zwakkeren. Rituelen worden gevierd en gekoesterd: ze versterken de sociale samenhang. Rangen en standen zijn maatlat voor het respect dat je krijgt. Je kunt niet nee zeggen tegen een definitie van de situatie die heerst, wat ertoe kan leiden dat je meegaat in een beweging die anderen maken.

Welke oriëntatie in je ontstaat, hangt samen met de omgeving waarin je opgroeit, les krijgt, ervaringen opdoet en jouw eigen aanleg. Anderen herkennen jou aan jouw oriëntatie. En omgekeerd beïnvloeden mensen met hun oriëntatie alle situaties waarmee ze in aanraking komen.